Rob van der Hilst

Rob van der Hilst (Rotterdam, 1952) studeerde aan de HKU en UU. Hij woont, werkt en fietst in Utrecht
25/122011

Kerstconcert uit Concertgebouw van zeer wisselend niveau

Geplaatst in Recensies - Muziek

De traditionele Kerstmatinee door het Koninklijk Concertgebouworkest uit Amsterdam, op Eerste Kerstdag, stond dit jaar in het teken van werk van laat-romanticus Richard Strauss. Onder leiding van Bernard Haitink, de 82jarige eredirigent van het orkest, weerklonken Strauss' 'Vier letzte Lieder' en zijn grootse Eine Alpensinfonie. Op het eerst gezicht een sterk programma voor bij de Kerstboom thuis - ik volgde het concert via Radio4 - maar waarbij de klinkende werkelijkheid op zijn zachtst gezegd nogal achterbleef...

Kan een heel orkest wel eens zijn dag niet hebben? Deze vraag drong zich bij mij op tijdens de zoveelste onzuiver klinkende inzet van een soloinstrument uit het orkest in Strauss' programmatische, maar liefst 22-delige symfonie. Of ligt zoiets aan de dirigent in kwestie, in dit geval (dit is nogal delicaat) aan de inmiddels hoogbejaarde Maëstro Bernard Haitink: een van de allergrootste dirigenten van deze tijd en van zijn generatie?

Want - andere vraag - betekent het op leeftijd komen van een dirigerend mens dat een geleidelijk afname van krachten - de gewoonste zaak van de wereld in mensenland - zijn grip op zo'n kolossaal orkestapparaat niet even geleidelijk doet minderen?

Ik denk het wel.

Dirigeren is een raar vak. In feite is de dirigent de enige persoon op een concertpodium die feitelijk gezien géén muziek maakt, die géén muziekinstrument in zijn handen heeft maar die daar 'alleen maar' met zijn armen staat te zwaaien. Ter compensatie van dit leed worden aan orkestdirigenten dan ook de meest byzantijnse vergoedingen uitgekeerd. U begrijpt het: mijnerzijds alle begrip hiervoor. Zulk leed móet gecompenseerd.

Bovendien, de complexiteit van menig orkestpartituur - dit is de stuurmansfactor - maakt zo'n functionaris gewoon heel noodzakelijk, namelijk om alles in goede banen te leiden: precieze inzetten en het 'in de maat spelen' voorop met het samen-uit-en-samen-thuis-komen als zegmaar basisdoelstelling. Om maar even te zwijgen van de voorstelling die zo'n persoon heeft - dit is de kapiteinsfactor - hóe het stuk volgens hem precies dient te klinken.

Dan worden tijdens concerten gestiek en mimiek van betrokkene belangrijk, opdat zich in het woordenloze communicatiespel tussen hem en de orkestmusici het beoogde resultaat geleverd worde. Dit allemaal op basis van (lett.) gemaakte afspraken tijdens repetities en ook met (nu wordt het wazig) 'uitstraling' tijdens concertuitvoeringen als sterk-bepalende factor.

Zulke afspraken zullen er in de repetitieperiode vooraf aan dit bijzondere Kerstconcert zeker zijn gemaakt: Haintink's reputatie is er immers ook een van een steengoede repetitor. Maar of dit voldoende is om tot een subliem resultaat te komen in het vuur van de strijd, het concert zelf, dat werd op Eerste Kerstdag gelogenstraft. Getuige de (te) vele 'scherven' die vanuit de grote zaal van het Amsterdamse Concertgebouw in de Alpensinfonie te beluisteren vielen.

Mogelijk kunnen zaalbezoekers - die vanaf hun stoelen de 'totaalklank' van het orkest ondergingen - dit niet zo eentweedrie hebben opgemerkt. De radioluisteraars echter wel: gevolg van de opstelling van radiomicrofoons die 'alles' plegen te registreren wat, dus zonder klankmengingeffecten in de zaal, op het concertpodium wordt uitgespookt.

Van eergenoemde 'scherven' was allerminst sprake in Strauss' Vier letzte Lieder waarin de Duitse sopraan Anja Harteros werkelijk excelleerde. Geen permanent wapper-vibrato kwam er uit haar keel, maar een op tekst-tekst-tekst gebaseerde vertolking waarin haar patente zangstem in deze relatieve kleinschaligheden versmold met een uitermate gedifferentieerde en zuivere orkestklank. Jammer dat het laatste bogal eens het lootje legde in de enorm langademige Alpensinfonie.

Rob van der Hilst, Utrecht - Eerste Kerstdag 2011